Groen in de wijk

Mensen met natuur in hun directe omgeving voelen zich gelukkiger, zijn minder vaak ziek en hebben meer binding met hun buurt. De aanwezigheid van bijen, hommels, wormen, mollen en vlinders is een indicatie van de ecologische gezondheid van een buurt. 

  • De gemeente maakt een ambitieuze groennorm waar maatregelen uit verschillende bewezen effectieve groennormen worden toegepast. Dit kan Wageningen doen door het radicaal vergroenen van gebouwen, straten en pleinen. Wageningen wordt zo een betere plek voor mens en dier. Een minimale groennorm van 10% per buurt, zoals de 10% in Kortenoord-West, is niet voldoende.
  • We willen minimaal 75 m2 groen per inwoner.
  • Iedereen heeft in Wageningen vanuit het huis uitzicht op minimaal drie bomen, er is minimaal 30% kroonbedekking in de wijk en er is op maximaal 300 meter een park, natuurgebied of een groene koele plek.
  • Wageningen verandert versteende parkeerplaatsen in ’groene’ parkeerplaatsen, bijvoorbeeld in de vorm van grasbetontegels. Dit wil zeggen dat ze uit 50% vegetatie en 50% beton/steen bestaan.
  • Alle zinloze verharding, zoals in de Hoogstraat en op het 5 Mei plein, wordt vervangen door biodivers inheems groen. Zinloze verhardingen zijn bijvoorbeeld extreem brede trottoirs of compleet verharde pleinen.
  • Bomen bieden schaduw, vangen water op, zuiveren de lucht en verkoelen bij hitte. De gemeente werkt met de richtlijnen van de landelijke bomennorm om te zorgen voor voldoende kwalitatief groen in alle wijken.
  • Met vergroening wordt begonnen in de meest versteende wijken.
  • Wageningen plant volop inheemse bomen en struiken in de straten en legt speelnatuur voor kinderen aan.
  • De openbare ruimte wordt natuurinclusief, natuurversterkend en klimaatadaptief ingericht door minder oppervlaktes te verharden en meer beplanting aan te leggen. Ook maken we gebruik van logische oplossingen zoals groene daken op bushokjes en groene gevels.
  • Bij herinrichting van straten en stoepen worden, waar mogelijk, standaard geveltuinen aangelegd.
  • Braakliggende terreinen, zoals die ter hoogte van de Costerweg en Vadaring, zijn geschikt voor kleinschalige groene inwonersinitiatieven zoals stadslandbouw, natuurontwikkeling, collectief beheerde parken, natuurspeelplaatsen, tiny forests, bijenvelden, kinderspeelplaatsen, sportvoorzieningen, moestuinen of hondenspeelplaatsen.
  • De gemeente wordt eetbaar: er komen meer voedselbossen en moes- en pluktuinen, en er komt meer plantaardige gemeenschapslandbouw (CSA), waarbij inwoners samen het eigenaarschap vormgeven en samenwerken met de boer en/of landeigenaar.